Street Art en Clan Jetties

De volgende dag leg ik de reis af naar Penang. Na een goed hostelontbijt stap ik om 9u de bus in voor een rit van 5u. Met een rokende buschauffeur is de reis toch wat minder plezierig maar vooruit. Ineens blijken we er te zijn, sneller dan ik dacht. Ik stap uit en vraag me af waar in Georgetown ik in hemelsnaam ben. Bij een van de busstations maar het zijn er meerdere. Ik zoek de bus die ik volgens de route beschrijving zou moeten hebben maar dat blijkt toch niet het geval. Ik zoek verder.

Een oud mannetje vraagt me waar ik naar toe moet en half-half verwacht ik een foute opmerking als ik, met het gevoel dat ik naar de plaatselijke tippelzone vraag, opbiecht dat ik op ‘love lane’ moet zijn. Hij legt braaf de route uit. Bezweet en een tikkie moe als ik ben is een bus nu toch wel welkom dus vraag hem of ik de shuttle kan pakken. Als hij weg is dubbelcheck ik bij de information boot. Ik stap op de shuttle die me in ieder geval in de buurt brengt en vanaf daar is het makkelijk te vinden.

Ik check in bij mijn hostel, fris me op en besluit direct te gaan verkennen. Ik struin door de buurt, bewonder wat tempeltjes en wat streetart. Ik had al gehoord dat Penang daar bekend om stond maar snap nu ook wel waarom, er zijn zeker een paar bijzondere exemplaren te vinden. Na een eerste indruk van de stad drink ik nog een biertje in mijn hostel, het is vrij rustig maar in de lobby vermaak ik me toch. Het reilen en zeilen in de hostel is entertainment genoeg! En als het bedtijd is schuif ik het gordijntje dicht en kruip ik in mijn hok!

De volgende dag begint met een ochtendknuffel voor de eigenaar…iets zegt mij dat dit alleen voor de dames geldt…de oude snoeperd! Maar ach het is zo’n komisch mannetje dus ik ga er in mee. Ik maak kennis met een Argentijn die in Frankrijk woont. We gaan samen op verkenningstocht in de buurt. En onze jacht op de juiste bussen voor onze verdere plannen duurt nogal lang maar dat mag de pret niet drukken. Helaas moeten we ook diezelfde dag nog afscheid nemen omdat hij een vlucht moet halen.

Ik breng een bezoekje aan Penang Hill. Allereerst ga ik de heuvel op, het uitzicht valt helaas een beetje tegen vanwege de bewolking. Maar toch een leuk tochtje. Daarna loop ik naar de Kek Lok Si Temple. En ik zie van een afstand al dat dit de moeite waard is. Als je ergens voor naar Penang moet komen dan is dit zeker een van die dingen! De weg daar naartoe is een doolhof van toeristenwinkeltjes maar uiteindelijk bereik ik de ingang. De tempel is wat mij betreft typisch Maleisië…Aziatische Fusion all the way. Ik beklim de pagode waarvan ik bij iedere verdieping denk dat ik de laatste bereikt heb, maar er komt er steeds weer een bij. Geloof dat ik er 7 beklommen heb.

Daarna neem ik de lift naar het beeld helemaal bovenaan. Uiteindelijk is de gehele tempel bijna een dorp op zich zo groot. Als ik klaar loop ik terug richting de weg in de hoop een bushalte tegen te komen. It’s my lucky day. De bus komt net aanrijden en ik kan er zo inspringen.

Terug in de stad stop ik voor lunch en daarna besluit ik nog een paar dingetjes te bekijken. Ik begin bij Khoo Kongsi, een clanhouse, loops langs een paar clan jetties (wijkjes met drijvende huizen en huizen op palen waar Chinese immigranten woonden) aan de rand van de stad en als mijn maag begint te rammelen loop tot slot langs de befaamde Longor Baru, een van de beste plekken met foodstalls. Moet zeggen dat het me een beetje tegenvalt het is eigenlijk maar een klein groepje, terwijl ik een heel straat vol verwachten. Misschien ben ik te vroeg maar het is hier volgens mij toch ook echt etenstijd. Maar erger dan de beperkte keuze is dat ik inmiddels ook echt over mijn eetlust heen ben en het idee van eten me alleen maar tegen staat. Dagen als deze waarop het non stop warm is en je eindeloos zweet gebeurt het me vaker dat mijn behoefte aan eten spontaan verdwijnt. Ik loop terug naar mijn eigen wijk, vul alleen mijn vochtvoorraad aan en struin daar nog wat rond. Ook hier zijn wat foodstalls opgekomen en sommige zien er erg goed uit!

Ik heb op dat moment geen honger maar beland later toch bij een foodstall met een Russisch meisje dat ik ontmoet in mijn hostel. We eten wat, drinken wat en ik krijg d’r hele levensverhaal te horen. Tot het toch echt tijd is voor bed. Morgen zien we wel weer…..